Santa Cruz, Californië – Hij was lang, slim en ogenschijnlijk normaal. Toch liet Edmund Emil Kemper III, beter bekend als “The Co-Ed Killer”, een spoor van gruwel achter in Californië. Tussen 1964 en 1973 vermoordde hij tien mensen, waaronder zijn eigen moeder. Zijn daden — waaronder necrofilie, onthoofding, en het bewaren van lichaamsdelen — behoren tot de meest huiveringwekkende misdrijven in de Amerikaanse geschiedenis. Wat volgde was een rechtszaak die de psyche van een seriemoordenaar genadeloos blootlegde.
De oorsprong van het kwaad: jeugd vol vernedering
Edmund Kemper werd op 18 december 1948 geboren in Burbank. Zijn vader verliet het gezin vroeg, en zijn moeder Clarnell — een alcoholistische, dominante vrouw — mishandelde hem emotioneel en fysiek. Ze noemde hem een “monster” en sloot hem regelmatig op in de kelder. Die haat en vernedering nestelden zich diep in zijn psyche.
Op 15-jarige leeftijd vermoordde hij zijn grootouders. Hij schoot zijn oma met een geweer dood tijdens een woordenwisseling en doodde daarna zijn opa, uit angst voor diens reactie. Hij belde zelf de politie en zei later: “Ik wilde gewoon weten hoe het voelde om iemand te doden.”
Hij werd opgesloten in Atascadero State Hospital, waar hij zijn IQ van 145 gebruikte om de psychiaters te misleiden. Hij werd als “gerehabiliteerd” beschouwd en op 21-jarige leeftijd vrijgelaten, ironisch genoeg terug in de zorg van zijn moeder — de vrouw die hem het meest had beschadigd.
De moorden op de jonge vrouwen (1972–1973)
Na zijn vrijlating begon Kemper met het verzamelen van vuurwapens, ondanks dat hij als ex-psychiatrische patiënt daartoe geen toestemming had. Hij leerde hoe hij jonge vrouwelijke lifters kon laten instappen, en bouwde een vertrouwensrelatie op met de universiteitsgemeenschap van Santa Cruz. Wat volgde, waren acht systematische moorden:
1. Mary Ann Pesce (18) en Anita Luchessa (18) – 7 mei 1972
Kemper pikte de twee studentes op nabij Berkeley. Hij reed ze naar een afgelegen bosgebied. Daar handboeide hij Anita, waarna hij Mary Ann met een mes neerstak en haar keel doorsneed. Daarna wurgde hij Anita. Hij decapiteerde beide lichamen, had seks met hun afgehakte hoofden, en begroef hun torso’s. De hoofden bewaarde hij een tijdje als trofee.
2. Aiko Koo (15) – 14 september 1972
Aiko was een jonge ballerina die aan het liften was. Kemper hield haar onder schot met een .22-pistool. Toen hij even zijn wapen op zijn schoot liet rusten, probeerde ze te ontsnappen, maar hij kalmeerde haar door te doen alsof hij haar niet zou doden. Kort daarna wurgde hij haar met haar eigen sjaal. Hij reed met haar lichaam naar huis, had seks met haar lijk en fotografeerde het. Later dumpte hij haar resten in een ravijn.
3. Cindy Schall (18) – 7 januari 1973
Cindy was een universiteitsstudente. Kemper nam haar mee naar huis toen zijn moeder er niet was. Hij vermoordde haar met een pistoolschot, waarna hij haar lichaam in bad uitkleedde, in stukken sneed, en in vuilniszakken bewaarde. Hij begroef haar hoofd in de tuin, naar eigen zeggen “gericht op het raam van zijn moeders slaapkamer”, omdat zij “altijd wilde dat mensen naar haar opkeken”.
4. Rosalind Thorpe (23) en Alice Liu (21) – 5 februari 1973
Hij pikte beide vrouwen op bij de universiteit. Hij schoot Rosalind direct in het hoofd in zijn auto, daarna Alice. Hij bedekte de lichamen met een deken en reed ongehinderd door de campus, met de lijken in zijn achterbank. Hij nam de lichamen mee naar huis, onthoofdde ze en verminkte ze seksueel. Lichaamsdelen dumpte hij later langs een snelweg.
De ultieme gruwel: zijn moeder en haar vriendin – 20 april 1973
Na maanden van opgekropte haat draaide alles om de vrouw die hij het meest verafschuwde: zijn moeder.
Op Paasweekend, nadat Clarnell hem had geschoffeerd, sloop hij haar kamer binnen terwijl ze sliep. Hij sloeg haar met een klauwhamer en sneed haar keel door. Wat daarna volgde is haast onvoorstelbaar:
- Hij onthoofdde haar en pleegde orale seks met haar hoofd.
- Hij gebruikte haar hoofd als dartbord.
- Hij stak haar stembanden in de afvalvermaler, maar die raakte verstopt.
Na deze moord belde hij haar beste vriendin, Sara Hallett, zogenaamd voor een etentje. Toen ze arriveerde, wurgde hij haar en verborg haar lichaam. Vervolgens reed hij naar Colorado, waar hij zichzelf aangaf.
“Ik was klaar. Als ik haar niet kon vermoorden, zou ik nooit kunnen stoppen,” verklaarde hij tijdens zijn bekentenis.
Psychologische analyse: de mens achter het monster
Kemper vertoonde kenmerken van een klassieke psychopaat: hij had geen empathie, geen schuldgevoelens, en sprak over zijn daden met een kilte die zelfs ervaren agenten kippenvel bezorgde. Hij had een haat-liefdeverhouding met vrouwen — vooral veroorzaakt door zijn moeder — en projecteerde die woede op onschuldige slachtoffers.
Psychologen noemden hem een “zeldzaam functionele seriemoordenaar” — sociaal vaardig, intelligent, maar extreem gewelddadig.
De rechtszaak: geen spijt, geen verdediging
De rechtszaak begon in oktober 1973. Kemper pleitte schuldig aan alle aanklachten. Zijn verdediging probeerde hem ontoerekeningsvatbaar te verklaren, maar experts zagen hem als volledig bewust van zijn daden.
Op 8 november 1973 werd hij veroordeeld tot acht keer levenslang. Hij werd opgesloten in California Medical Facility in Vacaville, waar hij nog steeds leeft. Hij heeft herhaaldelijk gratieverzoeken afgewezen, en zegt dat hij zichzelf nooit vertrouwt buiten de gevangenis.
Culturele impact en erfenis
Kemper werd later het onderwerp van interviews, documentaires en boeken. In Netflix’ Mindhunter wordt hij briljant vertolkt als een sleutelfiguur in de ontwikkeling van FBI-profileringsmethoden. Zijn kalme, welbespraakte stijl maakte hem een griezelige case study.
Conclusie: het gezicht van het ultieme kwaad
8Edmund Kemper is meer dan een seriemoordenaar — hij is een griezelige paradox: een man die met briljante helderheid over zijn gruweldaden kon spreken, terwijl zijn daden zelf elk menselijk begrip tarten. Zijn verhaal is een confrontatie met het donkerste wat de menselijke geest kan voortbrengen.


Plaats een reactie