Op 11 mei 2006 werd België opgeschrikt door een gruwelijke en racistische moordpartij in het hart van Antwerpen. De slachtoffers, Oulematou Niangadou (25) en de tweejarige Luna Drowart, werden zonder enige aanleiding doodgeschoten door Hans Van Themsche, een 18-jarige Vlaams-nationalistische extremist. De brute moorden lieten diepe littekens na in de Belgische samenleving en brachten een harde realiteit onder de aandacht: het gevaar van radicalisering en racistische ideologieën.


De slachtoffers: Oulematou Niangadou en Luna Drowart

Oulematou Niangadou was een 25-jarige vrouw afkomstig uit Mali. Ze woonde in België en werkte als kinderoppas. Op de dag van de moord was ze op pad met Luna Drowart, het tweejarige dochtertje van de familie waarvoor ze werkte. Wat een normale dag had moeten zijn, eindigde in een tragedie die de stad Antwerpen voorgoed zou veranderen.

Oulematou stond bekend als een lieve, zorgzame vrouw die zich volledig inzette voor het gezin dat haar in dienst had. Haar familie in Mali had haar naar Europa laten vertrekken in de hoop op een beter leven, maar ze zou nooit de kans krijgen om haar dromen waar te maken.

De kleine Luna was nog maar een peuter, onschuldig en onwetend over de haat die haar leven uiteindelijk zou kosten. Haar ouders en familieleden bleven radeloos achter, geconfronteerd met een onvoorstelbaar verlies.


De dader: Hans Van Themsche

Hans Van Themsche werd geboren in een Vlaams-nationalistisch gezin. Zijn grootvader was een overtuigde collaborateur tijdens de Tweede Wereldoorlog en zijn familie sympathiseerde met extreemrechtse ideeën. Van Themsche zelf was een teruggetrokken jongen die in de loop der jaren steeds radicalere denkbeelden ontwikkelde.

Op school vertoonde hij racistisch gedrag en uitte hij steeds vaker zijn afkeer tegen vreemdelingen. Dit leidde uiteindelijk tot zijn definitieve schorsing van de internaatsafdeling van de Landbouwschool in Hoogstraten, slechts een dag voor de moorden. Gefrustreerd en vol haat besloot hij een daad te stellen die zijn naam voor altijd in de geschiedenis zou branden.


De moordpartij: een racistische moordaanslag

Op de ochtend van 11 mei 2006 ging Hans Van Themsche naar een wapenwinkel in Antwerpen, waar hij een jachtgeweer en munitie kocht. Zwart gekleed en kaalgeschoren trok hij de stad in met één doel: willekeurige mensen van buitenlandse afkomst neerschieten.

Zijn eerste slachtoffer was een Turkse vrouw, Songül Koç, die op een bankje zat te rusten. Zonder waarschuwing schoot hij haar neer. Ze overleefde de aanval, maar raakte zwaargewond.

Van Themsche liep verder en zag Oulematou Niangadou en Luna Drowart op straat lopen. Zonder enige aarzeling richtte hij zijn geweer op de jonge vrouw en het kind en schoot hen beiden dood. De moorden werden in het volle daglicht gepleegd, midden in de stad, terwijl omstanders geschokt toekeken.

De dader werd uiteindelijk gestopt door een politieagent, die hem in de benen schoot en arresteerde voordat hij nog meer slachtoffers kon maken.


Het psychologische profiel van de dader

De moorden van Hans Van Themsche waren geen toevallige daad van geweld, maar het gevolg van jarenlange radicalisering en haat. Psychologen die hem onderzochten, omschreven hem als een jonge man met een extreme zwart-witvisie op de wereld, gevoed door een toxische ideologie en een gebrek aan empathie.

Van Themsche voelde zich uitgesloten en verachtte alles wat hij als “vreemd” beschouwde. Zijn radicalisering was een proces dat zich over jaren had opgebouwd, versterkt door zijn familieachtergrond en de extreemrechtse kringen waarin hij zich bewoog. Zijn daad was doelbewust: hij had bewust mensen met een andere etniciteit uitgekozen en handelde met voorbedachte rade.


De rechtszaak en veroordeling

In oktober 2007 begon de rechtszaak tegen Hans Van Themsche. Hij werd aangeklaagd voor moord met racistische motieven en poging tot moord op Songül Koç. Tijdens de rechtszaak toonde Van Themsche geen berouw en bleef hij emotieloos terwijl de gruwelijke details van zijn daden werden besproken.

Na een intensief proces werd hij schuldig bevonden en kreeg hij de zwaarste straf opgelegd die mogelijk was in België: levenslange gevangenisstraf. De rechter benadrukte de racistische aard van de moorden en de extreme gevaarlijkheid van de dader.

De veroordeling van Van Themsche werd door velen gezien als een gerechtigheid voor de slachtoffers, maar voor hun families kon niets de pijn en het verlies ongedaan maken.


Maatschappelijke impact en nasleep

De moorden op Oulematou Niangadou en Luna Drowart veroorzaakten een schokgolf in België. Tienduizenden mensen gingen de straat op om te protesteren tegen racisme en extreemrechts geweld. Politici en maatschappelijke organisaties riepen op tot meer inspanningen om haat en discriminatie te bestrijden.

Zes jaar na de moorden kende de Belgische staat de families van de slachtoffers een schadevergoeding toe van in totaal 189.554 euro. De familie van Oulematou Niangadou kreeg 66.500 euro. Haar dochter, Bintou, die na de moord wees werd, groeide op bij haar grootmoeder in Mali.

Deze tragedie bracht niet alleen rouw, maar ook een harde realisatie: racisme en haat kunnen levens kosten. Het blijft een herinnering aan de noodzaak om actief op te treden tegen radicalisering en discriminatie in onze samenleving.


Conclusie

De moord op Oulematou Niangadou en Luna Drowart blijft een van de meest schokkende misdaden in de recente Belgische geschiedenis. Het was een gewelddadige en racistische daad die diepe sporen heeft nagelaten bij de slachtoffers, hun families en de hele samenleving.

Het is essentieel om te blijven strijden tegen de haat die tot zulke gruweldaden leidt. We mogen niet vergeten, maar moeten leren uit deze tragische gebeurtenis en bouwen aan een wereld waarin iedereen, ongeacht afkomst, veilig en in vrede kan leven.

Plaats een reactie

Quote of the week

"People ask me what I do in the winter when there's no baseball. I'll tell you what I do. I stare out the window and wait for spring."

~ Rogers Hornsby