Harkstede, Nederland – Willem van Eijk, bekend als ‘Het Beest van Harkstede’, groeide uit tot een van de beruchtste seriemoordenaars in de Nederlandse geschiedenis. Zijn gewelddadige daden schokten het land en leidden uiteindelijk tot een levenslange gevangenisstraf. Dit artikel duikt diep in zijn jeugd, de moorden die hij pleegde en het proces dat leidde tot zijn veroordeling.*
#Een Gewelddadige Jeugd: De Eerste Tekenen van Gevaar
Willem van Eijk werd geboren op 13 augustus 1941 in het dorp Korteraar, Zuid-Holland. Zijn jeugd werd gekenmerkt door sociale isolatie en afwijkend gedrag. In de buurt stond hij bekend als ‘Gekke Willempie’, een bijnaam die verwees naar zijn onvoorspelbare en soms angstaanjagende uitbarstingen.
Al op jonge leeftijd vertoonde Van Eijk tekenen van sadistisch gedrag. Hij mishandelde dieren, sneed de staarten van katten af en gaf toe een vreemde fascinatie voor de dood te hebben. Zijn ouders, een arbeidersgezin zonder noemenswaardige problemen, hadden moeite hem onder controle te houden. Leraren en buurtbewoners meldden dat hij zich vijandig opstelde tegenover vrouwen en een obsessie ontwikkelde voor geweld en macht.
Tijdens zijn puberteit verslechterde zijn gedrag. Hij werd betrapt op het bespieden van jonge meisjes en zou later verklaren dat hij vanaf zijn tienerjaren fantasieën had over het vermoorden van vrouwen. Desondanks wist hij zich door de jaren heen buiten het vizier van de autoriteiten te houden – tot 1971.
De Eerste Moorden: Cora Mantel en Aaltje van der Plaat
Op een kille avond in 1971 ontmoette de 15-jarige Cora Mantel haar noodlot. Nadat ze de laatste bus had gemist, liftte ze naar huis. Van Eijk pikte haar op, maar in plaats van haar veilig thuis te brengen, reed hij naar een afgelegen gebied. Daar wurgde hij haar met brute kracht en liet haar lichaam achter in een sloot.
Drie jaar later, in 1974, sloeg hij opnieuw toe. Dit keer was het slachtoffer Aaltje van der Plaat, een 44-jarige verpleegkundige. Van Eijk lokte haar naar zijn auto en vermoordde haar op gruwelijke wijze. Haar lichaam werd later gevonden met tekenen van extreme mishandeling.
Arrestatie en de Psychologische Analyse
De politie kwam Van Eijk op het spoor door getuigenverklaringen en bewijsmateriaal op de plaats delict. Na zijn arrestatie in 1974 bekende hij de moorden vrijwel direct. Tijdens zijn proces werd hij onderworpen aan psychologisch onderzoek.
Psychologen beschreven hem als een antisociale persoonlijkheid met een diepgewortelde haat tegen vrouwen. Het rapport wees uit dat hij geen empathie voelde en genoot van het lijden van zijn slachtoffers. Hoewel hij besefte dat zijn daden fout waren, leek hij er geen berouw over te hebben. Desondanks werd hij niet ontoerekeningsvatbaar verklaard.
In 1975 werd hij veroordeeld tot 18 jaar celstraf met tbs, onder de hoop dat langdurige behandeling zijn gevaar zou verminderen.
Vrijlating en Hervatting van Moorden
In 1990, na het uitzitten van zijn straf en het doorlopen van een tbs-traject, werd Van Eijk vrijgelaten. Ondanks waarschuwingen van psychiaters, die hem als hoogrisico zagen, mocht hij terugkeren in de samenleving. Hij vestigde zich in Harkstede, Groningen, samen met een vrouw met wie hij in de gevangenis was getrouwd.
Zijn herval in moorden liet niet lang op zich wachten. Tussen 1993 en 2001 werden drie prostituees vermoord:
– Michelle Fatol, een 21-jarige vrouw, werd als eerste slachtoffer gevonden. Haar lichaam vertoonde tekenen van een gewelddadige dood.
– Annelies Reinders, 31 jaar, werd op soortgelijke wijze om het leven gebracht.
– Sasja Schenker, 34 jaar, verdween in 2001 en haar bezittingen werden later bij Van Eijks huis gevonden.
De Laatste Arrestatie en Veroordeling
Na de verdwijning van Sasja Schenker begon de politie opnieuw een onderzoek. Een doorbraak kwam toen kledingstukken van Schenker bij Van Eijks woning werden aangetroffen. In november 2001 werd hij gearresteerd. Dit keer ontkende hij aanvankelijk, maar door forensisch bewijs en getuigenverklaringen werd hij uiteindelijk schuldig bevonden aan de drie moorden.
In 2002 veroordeelde de rechter hem tot levenslange gevangenisstraf, zonder kans op vervroegde vrijlating.
Overlijden en Erfenis van Angst
Op 19 juni 2019 overleed Willem van Eijk in de Penitentiaire Inrichting Vught. Zijn dood markeerde het einde van een gewelddadig leven, maar de littekens die hij achterliet bij de nabestaanden van zijn slachtoffers zullen nooit verdwijnen.
Zijn zaak roept nog altijd vragen op over de effectiviteit van tbs-behandeling en de risico’s van het vrijlaten van gewelddadige delinquenten. Zijn naam blijft synoniem met de duisterste kant van de menselijke geest – een herinnering aan het kwaad dat in sommige mensen schuilt.



Plaats een reactie